INTERVIEW Maarten Baas & Walter van Beirendonck: “Ik een provocateur? Zeker niet!”

In een unieke samenwerking voor meubelmerk Lensvelt ontwierp Walter van Beirendonck een nieuwe look voor de 101 Chair van Maarten Baas. Deze Characters zijn vervaardigd in een exclusieve oplage van 120 unieke stuks. Met hun flamboyante stijl en ontregelende humor zijn Baas en Van Beirendonck zelf ook uigesproken ‘karkaters’. Daarom zijn beiden zeer content met de samenwerking.

“Wat zijn ze schoon, hè”, zegt Van Beirendonck, terwijl zijn vingers – met aan elk een forse ring – liefdevol over de bekleding glijden. Maarten Baas kijkt blij toe. Hij was het tenslotte die voorstelde om een speciale editie van zijn 101 Chair van Lensvelt te laten maken door de Vlaamse modekoning.

Maarten, waarom heb je Walter gekozen voor een speciale editie van jouw stoel?

MB: “Ik ben al fan van Walter sinds de Design Academy. Bovendien werkt Walter in een andere discipline, wat het spannend maakt. Zijn werk is ook expressiever dan dat van mij. Ik heb wel eens geprobeerd om een ontwerp te maken met gezichtjes. Dat voelde niet goed want het werd te letterlijk. Ik ben meer van de suggestie. Waar ik er niet meer bij kan, gaat Walter door en maakt ’t af. Teamwork!”

Je weet wat ze zeggen: never change a winning team…

MB: “Juist dat dit een one-off en een beperkte oplage is, maakt het zo sterk. Te veel Maarten Baas en Walter van Beirendonck is voor niemand goed, haha.”

WvB: “Maar het is ook niet voor het eerst dat wij samenwerken, hè Maarten. Wij hebben zijn Clay meubels verkocht in onze winkel in Antwerpen. Daarna heb jij ook een reeks kledingrekken gemaakt in vrolijke kleuren. Ik ben ook fan van u, hoor.”

Walter, hoe kwam je op het idee van levende wezentjes, ieder met een eigen expressieve uitstraling?

WvB: “Dat kwam vrijwel meteen. En dan weet je dat je een goed idee hebt. De stoelen van Maarten hebben alle acht al een eigen identiteit. Met die twee knopen die eruitzien als ogen en die verschillende rugleuningen. Dat hoefde ik alleen uit te vergroten. Natuurlijk moest ik zoeken naar hoever ik wil gaan met in de aankleding. Er moet nog wel te raden blijven in de karakters. Maar die pruiken zijn natuurlijk de finishing touch. Deze zijn van heel zacht mohair, waarmee ik de link leg naar mode en textiel. Dat zat feitelijk allemaal al in dat allereerste idee.”

Grote Vriendelijke Reus

Ook Baas en Van Beirendonck zijn beiden uitgesproken karakters. Walter, de Grote Vriendelijke Reus met zijn extravagante sieraden, een fluorescerend jack, stoere spijkerbroek en gestroomlijnde gympen. Maarten is meer de schuchtere kunstenaar in donkere, ingetogen kleding; een olijk hoedje is zijn enige frivoliteit. Op het eerste gezicht twee zeer verschillende karakters dus. Wat ze delen is een gevoel voor absurde humor. Ze ontregelen veel en graag, en hebben lak aan conventies. Maar noem ze geen provocateurs.

WvB: “Ik snap wel dat mensen dat zeggen, hoor. Maar ik een provocateur? Zeker niet! Mijn ontwerpen komen heel spontaan tot stand, uit mijn eigen interesse of fascinatie. Ik vind ze dan ook niet absurd. Ze komen voort uit de realiteit. Ze zijn anders maar ook heel gewoon.”

MB: “Jij weet dat niet maar jij hebt een vloek over mij gelegd. In de vorm van een compliment nota bene. Jij zei in een interview eens dat je dat provocatieve in mijn werk zo waardeert. Sindsdien denk ik nog regelmatig: zou Walter dit provocerend genoeg vinden? Maar serieus, ik werk vooral vanuit een nieuwsgierigheid. Wat gebeurt als ik een stoel verbrand? Hoe ziet dat hout eruit? Als dat dan een bijzondere schoonheid blijkt te hebben wil dat laten zien door een Zigzagstoel van Rietveld te ‘smoken’. Want waarom zou het bij een stoel van de rommelmarkt dan wel mooi zijn, maar bij zo’n iconische stoel niet? Wat zegt dat over ons beeld van schoonheid?”

Jullie werk is autonoom en balanceert op de grens van beeldende kunst. Alsof mode en design niet toereikend zijn voor jullie ideeën?

MB: “Ik noem mij wel eens kunstenaar geboren in het lichaam van een ontwerper. Bij meubelontwerp spelen functionaliteit en maakbaarheid, zoals bij de stoel voor Lensvelt, een dominante rol in het ontwerpproces. In mode is er meer ruimte voor expressie, neem alleen al de modeshows waarin mode, performance, decors en muziek versmelten in een totaalervaring. Daarom is het ook zo leuk dat Walter mijn stoel onder handen heeft genomen. Nu is het alsnog een kunstwerk geworden.”

Tegelijkertijd is jullie werk ook kunstig gemaakt. Hoe belangrijk is dat ambachtelijke vakmanschap?

MB: “Of iets heel goed is gemaakt, daarin zit het verschil tussen een geslaagd product en een gimmick. Ik herken dat bij de materialen die Walter gebruikt. Die zien er soms uit als sportkleding. Maar dan glanst het niet te veel of te weinig maar precies goed. Mijn Clay collectie ziet er uit alsof ik lekker heb zitten kleien. Maar dat vergde honderden keren proberen, mislukken en opnieuw proberen. Uiteindelijk gaat het om de aandacht die zichtbaar moet zijn. Wie wil er nou kleding of meubels die in elkaar zijn geflanst?”

WvB: “Toch is dat superieure vakmanschap niet waar het om gaat. Want als je meteen omver wordt geblazen omdat het er zo kunstig uitziet, zou je bijvoorbeeld de humor missen.”

Zijn we dat niet langzamerhand aan het kwijtraken, die waardering voor kwaliteit?

MvB: “Eigenlijk niet, het wordt zelfs meer geapprecieerd dan ooit. Juist omdat er zoveel massaproductie is en omdat wij altijd online zijn. Ik maak mijn ontwerper eerst helemaal zelf met de hand. Ook ga ik zelf alle stoffenleveranciers en fabrikanten langs. Ik zit daar boven op. Jij toch ook, Maarten?”

MB: “Vakmanschap is voor mij een wezenlijk onderdeel van mijn creatieve vrijheid. Iets moet er precies zo uitzien ik als ik het in mijn hoofd had.”

Jouw werk is altijd verhalend en dicht op de tijdgeest, Walter. Wat wil je ons vertellen met jouw Characters? WvB: “Diversiteit is een belangrijk thema nu. Dat je goed bent zoals je bent. Er zijn witte en zwarte stoelen en alles ertussen. Jong, oud. Vrolijk, bozig. We moeten deze verschillen juist vieren, niet wegstoppen. Op de armleuningen staan woorden als Love en Hold. Dat hebben we nodig, vooral nu. En tegelijkertijd laten deze stoelen ook de waarde van exclusiviteit zien. Dat de voorwerpen waarmee wij ons omringen een unieke persoonlijkheid hebben, een ziel eigenlijk. Ze zouden eigenlijk allemaal een naam moeten hebben. Of beter nog, dat mensen ze zelf een naam geven.”

MB, lachend: “Bedankt Walter, je hebt de lat wéér hoger voor mij gelegd.”

De collectie Characters is exclusief te koop bij Lensvelt.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.