Nieuws

Stem Klerenpartij! Design fiction als politieke manifest

In mijn eerste jaar van de Rietveld Academie tekende ik een Dromenprojector. Terwijl ik sliep, werden mijn dromen via elektroden op m’n hoofd geleid naar een soort transformator met een lens die de dromen vervolgens projecteerde op een groot scherm.

Daarna bedacht ik dat er ook een Dromenrecorder moest komen waarmee ik dromen kon opnemen en als video’s verkopen. Mijn leven als kunstenaar zou een makkie zijn: geen moeilijk gedoe in het atelier, geen dingen met de hand maken die eigenlijk nooit op kunnen tegen wat je zonder moeite elke nacht bij elkaar droomt. Met dit idee zou ik letterlijk slapend rijk worden.

Ik heb nooit werk gemaakt van die Dromenrecorder. Dat zou jaren aan research vragen en ongetwijfeld uitlopen op een teleurstelling. Maar met de kennis van nu weet ik dat als je zo’n idee maar realistisch visualiseert, je anderen ervan kunt overtuigen dat het kan bestaan. En dat je genoeg mensen kunt vinden die bereid zijn daarin te investeren.

Las Vegas

Sterker nog: het verkopen van producten en diensten die (nog) niet bestaan, is onderdeel van de consumentenindustrie. Zo is een groot deel van de innovaties die getoond worden op ’s werelds grootste elektronicabeurs CES in Las Vegas nog prototype, en worden op autobeurzen jaar in, jaar uit futuristisch ogende conceptcars getoond. Dit alles om de vraag bij de consument aan te wakkeren. Inmiddels kent iedereen wel het online platform Kickstarter, waar financiering wordt gezocht voor producten en diensten die nog niet bestaan, maar die wel heel overtuigend worden gepresenteerd. 

Jaren later stuitte ik op het begrip ‘design fiction’, een term die werd gemunt door Julian Bleecker, destijds onderzoeker bij Nokia Labs en oprichter van Near Future Laboratory. In 2011 organiseerde ik Upload Cinema, een serie filmavonden met experimentele, onafhankelijke en zelden vertoonde films. Voor een van de edities presenteerde ik een videocompilatie van anderhalf uur met als titel Vision of the Future .

Hiervoor hadden we zo’n dertig videofragmenten verzameld rond imaginaire, speculatieve producten. Zoals de sprekende AI-computer HAL 9000 uit 2001: A Space Odyssey, een reconstructie van Leonardo da Vinci’s vliegmachine en de viral video Human Birdwings van kunstenaar Floris Kaayk, die de kijker deed geloven dat Da Vinci’s vliegmachine eindelijk werkelijkheid was geworden. 

De sprekende AI-computer HAL 9000 uit 2001: A Space Odyssey

3D-printen

Vervolgens werd ik 2014 werd ik door het toenmalige Museum Of The Image (MOTI), het eerste museum dat geheel was gewijd aan beeldcultuur, gevraagd om over dit onderwerp een lezing te geven tijdens Dutch Design Week. Tijdens de lezing Design Fiction, van genre naar strategie liet ik aan de hand van vele voorbeelden uit heden en verleden zien dat fictie altijd al een onlosmakelijk onderdeel van het ontwerpproces is geweest. Maar dat het met de opkomst van digitale modellering en 3D-printen een grote vlucht had genomen.

Naast fictie als marketingstrategie liet ik zien hoe speculatief ontwerp als kritische reflectie op de toekomst aan invloed won. De term ‘speculative design’ werd voor het eerst geïntroduceerd door de Engelse ontwerpers Dunne & Raby aan het eind van de vorige eeuw, en werd vooral bekend door hun boek Speculative Everything (2013).

Ook veel van het werk van Next Nature past in deze categorie, denk aan het Kweekvlees Kookboek of de Nano Supermarkt. De essentie van deze benadering is ontwerp inzetten als middel om denkbare toekomsten te verkennen en debat uit te lokken, in plaats van alleen praktische oplossingen te ontwerpen.

Deepfakes

Maar het lijkt alsof dit speculatieve design zijn momentum heeft gehad. Met deepfakes, doelbewuste misinformatie en een tsunami van AI-gegenereerde beelden is het onderscheid tussen feit en fictie volledig vervaagd. “Flood the zone with shit”, adviseerde Steve Bannon presidentskandidaat Trump in 2016. Dat hebben we geweten.

Daarbij, de focus is verschoven van prototypes naar social design: het inzetten van ontwerp om ecologische en maatschappelijke problemen aan te pakken. In Nederland stimuleren programma’s zoals De Publieke Ontwerp Praktijk (PONT) de samenwerking tussen ontwerpers en overheid. De ontwerper aan tafel waar beleid wordt gemaakt — dan heb je pas invloed. 

Kortom, heeft ‘fictie’ nog wel een functie in een tijd vol urgente technologische, ecologische en sociale uitdagingen en geopolitieke spanningen?

Radicale prefiguratie

Toch wel. Radicale verbeelding is belangrijker dan ooit. Juist in onzekere, instabiele tijden is er behoefte aan hoopvolle, inspirerende en — ja — ook ontregelende toekomstperspectieven. Kunstenaars en ontwerpers kunnen daarbij een cruciale rol spelen. Vrijblijvend speculatief ontwerp gaat niet helpen. Een ‘ontwerpende aanpak’ waarbij het co-designproces heilig is en het resultaat een compromis, ook niet.

Wat dan wel? Radicale prefiguratie.

Prefiguratie betekent letterlijk: voorafbeelding. De oorsprong van de term ligt in een gebeurtenis uit het Oude Testament die werd opgevat als voorafschaduwing van een gebeurtenis in het Nieuwe Testament. Daarnaast bestaat er “prefiguratieve politiek”: het idee dat we plaatsen van hoop moeten creëren die de bestaande machtsorde uitdagen. Daarom heb ik een fictieve politieke partij opgezet.  De Klerenpartij.

Daarvoor moeten we terug naar de zomer van 2025. Toen ontwierp ik voor het Amsterdam Fashion Institute (AMFI) het storylab Reshaping The Fashion Narrative. Doel was het verkennen en verwoorden van alternatieve mode-toekomsten. Aan de workshop deden ruim 45 pioniers uit de mode- en textielketen mee: onderzoekers, ontwerpers, producenten, influencers, reparateurs en recyclers.

Fashion Futures

Als proces voor het lab experimenteerde ik met de open source designmethode Fashion Fictions, ontwikkeld door Amy Twigger Holroyd (Associate Professor of Fashion and Sustainability, Nottingham School of Art & Design). De dag resulteerde in acht radicale ideeën voor een eerlijke en duurzame modesector — oftewel ‘fashion futures’.

Het idee dat er direct uitsprong, omdat daar alle andere concepten samenkwamen, was De Klerenpartij: een nieuwe politieke partij die mode als wegwerpproduct bestrijdt (de mode-industrie is de op één na meest vervuilende industrie ter wereld). Het alternatief: lokaal gemaakte, eerlijke en duurzame kleding. Met als motto: Weg met die klerenzooi! (Wat meteen ook een vette knipoog is naar de huidige politiek.)

Stem op de Klerenpartij! 

Samen met kunstenaar/ontwerper Billie van Katwijk en studenten van de AMFI besloot ik werk te maken van die partij. Dit resulteerde in een manifest en een creatieve interventie tijdens het festival Society 5.0 eind oktober 2025 in Amsterdam. Die interventie bleef niet zonder gevolgen. De actie werd door het personeel van The Social Hub dermate verstorend gevonden — hoewel we gewoon waren uitgenodigd — dat de politie erbij werd gehaald en we bijna werden gearresteerd. Oké, we droegen bivakmutsen. Maar wel heel creatieve. 

De gemeenteraadsverkiezingen komen eraan. De Klerenpartij staat niet op de kieslijst (lang verhaal). Maar in een parallelle wereld komt de partij wel degelijk in de gemeenteraad en staat de nieuwe coalitie een hele trits wetsvoorstellen en amendementen te wachten. Hoe jij je kunt aansluiten? Kom en spreek in tijdens de State of Fashion op 29 mei in Arnhem!  

Dagan Cohen is oprichter van Changency, creatief bureau voor maatschappelijke verandering. Daarnaast is hij directeur van de Amsterdam Donut Coalitie, een beweging om de donuteconomie van Kate Raworth in Amsterdam in de praktijk te brengen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *